Zelf pech voorkomen en verhelpen (sleutel en alarm)

De sleutel

Als u een autosleutel laat bijmaken, let er dan op dat ook de transponder in de sleutel wordt gekopieerd. Dit kan bij uw eigen dealer en bij gespecialiseerde sleutelbedrijven. Een sterke magneet kan de transponder van de wijs brengen. Mocht de auto de goede transponder niet herkennen (bij sommige auto’s blijft dan het sleutellampje branden), maak dan de sleutel even handwarm.
Soms kunnen ‘stoorzenders’ de werking van de transponder in de weg zitten. Denk aan hoogspanningsmasten, radarsystemen en zenders van draadloze telefoons.

Defect alarm

Zorg voor een set reservebatterijtjes van de afstandsbediening. Of nog beter: een reserve-afstandsbediening.
Laat u instrueren hoe het alarm van uw eigen auto buiten gebruik kan worden gesteld.
In veel autosleutels zit tegenwoordig een transponder. Dit is een elektronische codering die in contact staat met een computer. Hebt u zulke sleutels, zorg dan altijd voor originele reservesleutels.

Voeding van het alarm

Het is raadzaam om bij een lege accu de hulp van de Wegenwacht in te roepen, want er kan schade ontstaan aan de elektronica in uw auto.
Rij na de starthulp minimaal nog een half uur om de accu goed op te laden.
Een alarm schiet automatisch op blokkeren als de accu is leeggelopen. Vergrendel eerst de auto en zet er dan pas spanning op met behulp van de startkabels. Een lichtpieper gaat piepen zodra u bij het verlaten van uw auto de lichten laat branden. U voorkomt hiermee veel problemen, zoals een lege accu. Hij is te koop bij de ANWB en eenvoudig te monteren.